Ontspannen missionair

op maandag, 18 juni 2018

Ontspannen missionair
Wat de aanpak van Stefan Paas (Vreemdelingen en priesters) inhoudt en oplevert. Met enkele suggesties om het thema ‘priesterschap’ in de christelijke gemeente concrete invulling te geven.

In de minderheid
Tijdens de Missionaire Specialisatie ben ik opnieuw geboeid geraakt door de inhoud van het boek van Stefan Paas ‘Vreemdelingen en priesters’1. De kernvraag van zijn boek is: ‘Wat betekent evangeliseren nog in een omgeving die niet of nauwelijks geïnteresseerd is in God?’Paas laat zien, dat de kerk in het Nieuwe Testament steeds een kleine minderheid is en dat nergens de verwachting wordt uitgesproken dat een hele cultuur of samenleving christelijk zou kunnen worden. Hij maakt duidelijk, dat ook in het christelijke Europa ná Constantijn ersteeds sprake is geweest van ‘een actief christelijke minderheid en een passief-religieuzemeerderheid’. Door de secularisatie in West-Europa wordt ‘zichtbaar wat in feite altijd zo is geweest’. Hij wikt en weegt de zendingspogingen van een aantal kerkmodellen, waar hij vervolgens niet mee verder gaat, omdat ze het verdwijnen van de Christenheid ontkenden of zochten naar herstel ervan. Paas pleit voor het model van de kerk in ballingschap, omdat de situatie van de christelijke gemeente in West-Europa vergelijkbaar is met het volk Israël dat ten tijde van de ballingschap in Babel leefde en daar overleefde te midden van een vreemde cultuur.

Vreemdelingen en priesters
Paas gebuikt daarbij voor christenen twee typeringen die we kennen uit de eerste Petrusbrief: die van vreemdelingen en die van priesters. Christelijke gemeenschappen zijn per definitie‘vreemdelingen’. Verdreven en geroepen. Vreemdeling zijn betekent anders zijn en relatief machteloos zijn. Niet automatisch kunnen rekenen op de ondersteuning vanuit de omgeving.

Het tweede beeld dat Petrus gebruikt voor de gemeente, is dat van priesterschap. Priesters vertegenwoordigden het volk bij God (in het brengen van de offers en in de gebeden) en vertegenwoordigden God bij de mensen (in de verkondiging en de zegen). Zo vervult ook de christelijke gemeente een priesterlijke taak. Primair gaat het om de lofprijzing (de doxologie), het eren van God. Volgens Paas doet zij dat niet alleen namens zichzelf, maar ook als vertegenwoordiger van de samenleving waartoe zij behoort. Zoals de priesters slechts een klein deel waren van het volk en toch namens het hele volk offerden, zo wordt ook de gemeente van Christus als ‘een heilig priesterschap geroepen om geestelijke offers te brengen die God, dankzij Jezus Christus, welgevallig zijn’ (1 Petrus 2,5; NBV). In haar onmacht is zij positief betrokken op haar context.

God en wereld onderscheiden en kerk en wereld onderscheiden
Maarten Wisse laat in zijn artikel ‘De integratie van theologie en religiewetenschap in SetfanPaas’ Vreemdelingen en priesters’2 zien dat Paas in zijn boek een onderscheid maakt tussen God en wereld en daaruit voortvloeiend een onderscheid tussen kerk en wereld. God enwereld zijn onderscheiden. ‘Dat betekent dat niet de hele wereld kerk moet worden en daarom moet het domein van de verlossing en het domein van de schepping worden onderscheiden om te voorkomen, dat de hele wereld uiteindelijk in het goddelijke opgaat. In het verlengde hiervan verzet Paas zich tegen elke vorm van eenheidsdenken, waarbij één van de twee polen in de andere opgaat, ofwel de kerk in de wereld, ofwel de wereld in de kerk’3. Het onderscheid tussen God en wereld werkt Paas ook uit op de verhouding tussen goddelijk en menselijk handelen. Wisse vat dit samen: ‘Als een missionaire visie als implicatie heeft datwij ervoor moeten zorgen dat God alles wordt in allen, zoals Paulus schrijft, past Paas een theologische ingreep toe. God laat zijn rijk komen, niet wij. Als een gemeenschap doet alsofzij de heilige vertegenwoordigster is van Gods rijk op aarde (de kerk als ‘tegenover’), pastPaas dezelfde ingreep toe: wij zijn God niet, en niet alleen de kerk is het domein van God.God is vrij en werkt ook in de wereld’4. De aanpak van Paas heeft dus een ontspannen grondstructuur.

Wisse laat ook zien dat het onderscheid tussen God en wereld bij Paas naadloos samen gaat met zijn beleving van macht. ‘Paas is steeds bezorgd over de consequentie van een bepaalde missionaire visie als die te maken heeft met macht of een claim op het eigen gelijk’5. Bij Paas gaan kwetsbaarheid en ontspanning samen.

Wat het oplevert
Wat levert de benadering van Paas op? Ik noem een paar dingen.

  1. Het geeft ontspanning. Je hoeft als gemeente en als individuele gelovige niet meer tedoen dan je al doet en zeker geen dingen die je niet kunt. Je mag – in Gods kracht – zijn wie je bent en wat God geeft: zout, licht, vreemdeling, priester. Het accent ligt op gehoorzaamheid in plaats van op succes. Je mag aansluiten bij het werk dat God bezig is te doen en daarbij maakt het niet uit met hoeveel je bent. Een kleine gemeenschap is niet bij voorbaat in het nadeel. Integendeel.
  2. Het geeft in theologische en psychologische zin veerkracht. Secularisatie, kerkverlating en krimp zijn zwaar en pijnlijk. Menigeen raakt erdoor in mineur en gaat klagen, krijgt een minderwaardigheidsgevoel en trekt zich terug. In de benadering van Paas ligt het hart van gemeente-zijn in de lofprijzing: het danken en verheerlijken van God. Dat geeft de gemeente kracht om zich op te richten, het geeft oog voor de kansen en maakt weerbaar bij tegenwerking.
  3. De metafoor van het priesterschap bewaart ons er voor dat we naar binnengekeerd raken/blijven. Het helpt om kerk in context te zijn. Met hart voor mensen. Een open en gastvrije gemeente, om samen met alle heiligen de grenzeloosheid van Gods genade te ervaren.
  1. In veel gemeenten zijn slechts enkelen missionair bevlogen. In de benadering van Paas behoort missionaire bezinning en actie tot het DNA van geloof en kerk en wordt het een integraal onderdeel van eredienst en gemeenteopbouw.
  2. Het individuele priesterschap ankert in het priesterschap van de gemeente als lichaam van Christus.
  3. De benadering van Paas is een relationele benadering en bouwt voort op Gods omgang met mens en wereld. De drie-enige God gaf zijn Zoon6 en zoekt in Woord en Geest ons op. Wij zoeken God en de ander. De communicatie van het evangelie gaat in relatie. Ontmoeting versterkt gemeenschap.
  4. Paas houdt of brengt ons met zijn benadering (terug) bij de kern. De dingen die er toe doen. Waartoe we geroepen zijn.

Uitwerking
Hoe zou je met de benadering van Paas in de gemeente aan de slag kunnen gaan? Ik noem een paar dingen7.
-Tijdens de zondagse erediensten is de gemeente het breedst aanwezig. In een tweetal preken zou je de thema’s ‘vreemdelingschap’ en ‘priesterschap’ aan de orde kunnen stellen. Bijvoorbeeld naar aanleiding van de eerste Petrusbrief. Deze ‘serie’ zou je kunnen vervolgen door preken over respectievelijk de doop en het avondmaal. Door de doop worden we verbonden met Christus, ingelijfd in de kerk, en zo ontvangen wij onze priesterlijke waardigheid. Aan de avondmaalstafel worden we bevestigd in het kindschap en het priesterschap. Aan elke dienst zou je, ter verwerking, verdieping en toepassing van de preek, een themavond kunnen verbinden.

-In de (Bijbel)kringen zou je de eerste Petrusbrief aan de orde kunnen stellen. Daarbij zou je (voor de deelnemers) gebruik kunnen maken van het boekje van Stefan Paas en Gert-Jan Roest, Vreemde vogels. Bijbelstudies over 1 Petrus. Om discipelschap en priesterschap breed in de gemeente aan de orde te stellen, zou het IZB-Focustrajact8 een volgende stap kunnen zijn.

-Priesterschap betekent niet allen God bij mensen brengen, maar ook mensen plaatsvervangend bij God brengen. Dat laatste gebeurt o.a. in de erediensten. Benoem bij lof en dank (in liederen en gebeden) dat je het plaatsvervangend doet. Maak het ook concreet:namens partner, (klein)kinderen, familie, buren, collega’s etc. Dat maakt het priesterschap concreet en geeft dat het (op termijn) een onderdeel wordt van de geloofsbeleving.
– Voorbede is een Bijbelse opdracht. Bidden geeft betrokkenheid op elkaar en op je context. Het accent op het priesterschap kan bestaande gebedspraktijken een nieuwe impuls geven of nieuwe doen ontstaan: gebedskring(en), stads- of dorpsgebed, gebedspost etc9. Hier liggen interkerkelijke of oecumenische uitdagingen.

-Het boek van Paas zou je in combinatie met het artikel van Maarten Wisse aan de orde kunnen stellen in een leeskring of in een bezinningsmoment tijdens op de (wijk)kerkenraad.

Persoonlijk
Waarom ben ik zo enthousiast over de inhoud van het boek Vreemdelingen en priesters? Een paar dingen. Het helpt me los te komen van modellen van groei en succes en te groeien in ontspannen leiderschap. Het daagt me uit na te denken over kwetsbaarheid (ook kwetsbaar leiderschap) en me 2 Korintiërs 12, 9 (‘Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht’) als ervarenwaarheid eigen te maken. De aanpak van Paas reikt me beelden en woorden aan om in een tijd van krimp binnen een centrale gemeente de voorkeur te geven aan (kleine) vitale wijkgemeenten boven het samenvoegen van wijkgemeenten. In de toerusting van gemeenteleden help deze benadering me ook aandacht te besteden aan weerbaarheid. Het boek van Paas daagt uit de 1 Petrusbrief (opnieuw) te lezen en stil te staan bij de beginjaren van de kerk. De eerste christenen geloofden niet dat ze de wereld konden veranderen. Ze vonden ook niet dat zij de wereld moesten veranderen. Zij wilden de wereld niet eens veranderen. Maar gek genoeg heeft God door zijn Geest via deze vreemdelingen de wereld op een ongelofelijke manier veranderd. Het boek van Paas brengt me terug bij God en bij zijn grote creativiteit. Dat helpt me in kwetsbaarheid ontspannen te werken in Koninkrijk en kerk.

Jelke de Jong, predikant van wijkgemeente De Acker (sinds 2001 een zelfstandige wijkgemeente), één van de vier wijkgemeenten die samen de ‘Protestantse Gemeente tePijnacker en Delfgauw’ vormen. Onze wijkgemeente telt ongeveer 800 leden. Sinds kort isons werkgebied uitgebreid met de nieuwbouwwijk ‘Ackerswoude’. We willen als gemeente een (geestelijk) huis zijn met een hart: een hart voor God en mensen.

Quote: De priesterkerk legt meer nadruk op het centrum dan op de buitengrenzen.

Literatuur.

Dr. A. Noordegraaf, Een koninklijk priesterschap. De betekenis van 1 Petrus 2:9 voor de opbouw van de gemeente. Apeldoorn 1992.

Stefan Paas, Vreemdelingen en priesters. Christelijke missie in een postchristelijke omgeving.Zoetermeer 2015.
Herman Paul, De slag om het hart. Over secularisatie van verlangen. Zoetermeer 2017.
Sake Stoppels, ‘Radicaal discipelschap. Vruchtbaar kerk zijn in de eenentwintigste eeuw’, in:Soteria, Kwartaalblad voor evangelische theologische bezinning, jrg. 34, nr. 4 (2017), p. 49- 61.

Sake Stoppels, Oefenruimte. Gemeente en parochie als gemeenschap van leerlingen.Zoetermeer 2013.
Maarten Wisse, ‘De integratie van theologie en religiewetenschap in Setfan Paas’Vreemdelingen en priesters’, in: Soteria, Kwartaalblad voor evangelische theologische bezinning, jrg. 35, nr.1 (2018), p. 19-31.

Voetnoten
1 Stefan Paas, Vreemdelingen en priesters. Christelijke missie in een postchristelijke omgeving. Zoetermeer, 2015

2 Soteria, Kwartaalblad voor evangelische theologische bezinning, 35ste jaargang, nr.1. (2018), p.19-31.
3 Wisse in Soteria, p. 27.
4 Wisse in Soteria, p. 27.
5 Wisse in Soteria, p. 26
6 Johannes 3,16.
7 Vanwege de toegestane ruimte moet ik me zowel in het aantal ideeën, als ook in de beschrijving ervan, beperken. Met de meeste suggesties die ik hier noem ben ik in eigen wijkgemeente aan de slag gegaan.
8 Het IZB-Focustraject is een twee jaar durend leerproces waarin de IZB met behulp van materiaal en begeleiding gemeenten helpt de beweging naar binnen en naar buiten te maken. Aan dit traject gaat een intensieve voorbereiding vooraf. De IZB heeft zich voor dit traject laten inspireren door en ze maakt gebruik van materiaal van London Institute for Contemporary Christianity (LICC). Zie: www.izb.nl/focus/het-focustraject.
9 Handboek voor gebed. Bezinning en handreiking voor praktijk (Zoetermeer 2015) onder redactie van Jan Minderhoud kan daarbij helpend zijn.

albertOntspannen missionair