In quarantaine onderweg naar Pasen (24) – Matzes

op donderdag, 09 april 2020

Een hele tijd geleden vierde ik het Avondmaal op vakantie in de Cévennen. In plaats van een stukje wit brood, kreeg ieder een grove homp stokbrood. Bij de beker kreeg ik een klap! Het was droge, rode wijn, dus bepaald niet zoet. Zoals we ’t in ons land vanouds vieren, staat ’t niet vast. U hebt ook het ook wel eens op een andere wijze meegemaakt.

Feest van de ongezuurde broden

Het Pascha dat Jezus met zijn leerlingen vierde, -dat ten grondslag ligt aan ons avondmaal-, werd gevierd met ongezuurde broden. Dus brood waar geen zuurdesem in zat. Dat niet gerezen was maar net als de matzes die je kunt kopen plat. Wat zuurdesem is? Een stuk oud brood dat je stopt in het deeg van het nieuwe, waardoor het doorzuurd raakt.

In Exodus 12 staat dat de Israëlieten zeven lang, gedurende het hele feest, ongedesemd brood moeten eten. (vs.15) Voorafgaande het feest vindt er een grote schoonmaak plaats in huis. Alles wat gezuurd is, moet worden verwijderd. Dus alles restjes brood en kruimels die er in de kast of op de grond liggen. Maar ook alles wat door gisting is onstaan, ook dranken zoals bier.

Orthodoxe joden gebruiken voor Pèsach een aparte set pannen, serviesgoed en bestek die alleen dan worden gebruikt. Die nooit met iets gezuurds in aanraking zijn geweest!

Herkomst

In de Bijbel worden twee verklaringen voor het gebruik ongezuurde broden te eten gegeven. In citeer Jacob J. Petuchowski in ‘Van Pesach tot Chanoeka’

Deuteronomium 16: 3 noemt het ongezuurde brood ‘voedsel der verdrukking’. Daarmee wordt waarschijnlijk bedoeld dat de hebreeuwse slaven in Egypte zich geen echt brood konden veroorloven en zich met ongezuurd brood tevreden moesten stellen.

Het is zo bezien ‘het brood der armen’. Ik las ooit: het brood ging niet nadat het doorzuurd was de oven in om daar langzaam te rijzen. Nee, het werd op een hete, gloeiende steen gelegd. En je brood was zo klaar.

Daarentegen staat er in Exodus 12:39 dat de Israëlieten Egypte zo snel moesten verlaten, dat ze geen tijd hadden om voor hun tocht naar de vrijheid echt brood te bakken. Uit het niet doorzuurde  deeg dat ze uit Egypte mee de woestijn in moesten nemen, onstonden vervolgens de matsot.Hier fungeert het ongezuude brood dus als ‘brod der bevrijding’.

Daar heb je dus, in onze eigen taal gezegd, de matzes.

Het brood dat wij breken

In het brood dat Jezus Christus is, komen beide facetten samen. Hij was niet opgeblazen. Hij leefde in eenvoud voor God. Een arme. Hij is ook onze bevrijder. Die ons verbindt met God en redt van alles wat ons tot slaven kan maken.   

P.S.: Op het fotootje bij deze weblog de toren en het beeld van de kerk die ook bij de drie diensten ‘poseerden’. Heeft er iemand een betere foto bij dit stukje?

o

M. TreurenIn quarantaine onderweg naar Pasen (24) – Matzes