De preek van 15 mei: Pinksteren, belijdenisdienst

op zondag, 15 mei 2016

Gemeente, gasten in ons midden,

Het verhaal van Pinksteren is een raar verhaal. Als je vaak in de kerk zit is het bijzondere er misschien al vanaf. Maar zeker als je hier niet zo vaak komt, dan kan ik me voorstellen dat je het maar raar vind. En je hebt helemaal gelijk. Het is ook een raar verhaal.

Kijk maar wat er staat. Opeens kwam er uit de hemel een vreemd geluid. Het klonk alsof het hard begon te waaien. Ook zagen de gelovigen iets dat op vuur leek. Dat vuur verdeelde zich in vlammen, en op iedereen kwam een vlam neer.

Er is dus iets met wind en met vuur. Maar het is allemaal een soort van, zeg maar alsof er een harde wind was, er was iets dat leek op vuur. Het zijn beelden die ‘iets’ beschrijven. Maar dat iets wordt niet echt duidelijk.

Vuur en wind zijn allebei mooie en nuttige dingen. Denk maar aan de gezelligheid van een kampvuur, of de kracht van de wind in de zeilen. Maar het zijn ook gevaarlijke dingen. Vuur kan alles verwoesten. En deze week nog vertelde iemand mij over een vakantie in Frankrijk die afliep met een caravan die werd geplet door een boom, toen er een windhoos trok over de camping. Vuur en wind zijn mooi, maar ook levensgevaarlijk. Er zit heel veel kracht in.

Dat vuur en die wind hebben te maken met de Heilige Geest. De Heilige Geest, dat is God die dichtbij ons komt. Zo dichtbij dat Hij in je komt. De leerlingen worden vol van God. En als je vol bent van God dan ga je rare dingen doen.

Het is net als wanneer iemand dronken is. Als je vol bent van alcohol, dan ga je ook rare dingen doen. De remmen gaan er af en je gaat helemaal los. Soms worden mensen gezelliger. Maar ook bij alcohol drinken zit een gevaar: dat de remmen helemaal verdwijnen. Dat je grenzen over gaat die je helemaal niet over moet gaan. Mensen worden agressief. Of ze overschrijden hun seksuele grenzen.

En zo worden ook grenzen verbroken als je vol wordt van de Heilige Geest. Als je vol wordt van de Heilige Geest worden juist de grenzen verbroken die jou als mens klein houden. Als jij snel boos wordt, gaat de Geest je leren om vanuit liefde te leven en met geduld. Als je klein over jezelf denkt, weinig zelfvertrouwen hebt, dan gaat de Geest je leren om erop te vertrouwen dat God van je houdt en dat het niet zoveel uitmaakt hoe andere mensen over je denken. Als je zenuwachtig wordt van een eindexamen, gaat de Geest je leren rust te vinden bij God. De Geest doorbreekt ons beperkte mens zijn en maakt ons meer en meer mens zoals Jezus mens was. In vrijheid, rust, vrede, moed en durf.

Dat zie je ook gebeuren in het verhaal. Het verhaal begint bij de leerlingen van Jezus. En dat zijn niet zulke grote helden. De een heeft Jezus verraden, de ander geloofde niet dat Jezus was opgestaan. Ze hebben hem allemaal verlaten toen hij bedreigd werd en werd gedood. Het zijn een stelletje kneuzen. Zoals wij allemaal wel ergens in ons leven gekneusd zijn.

En het zijn ook zeker geen talenknobbels. De meeste zijn eenvoudige vissers. Maar Jezus had vertrouwen in hen. En hij heeft hen al veel geleerd.

En dan komt de Geest. Naast het vuur en de wind gebeurt er nog iets heel bijzonders. De leerlingen van Jezus beginnen zo te spreken dat allerlei buitenlanders hen in hun eigen taal verstaan. Alle grenzen tussen volken en talen verdwijnen en iedereen hoort het Goede Nieuws over Jezus in zijn eigen taal. Uit de mond van die eenvoudige vissers.

En die eenvoudige leerlingen van Jezus vertellen dat Jezus uit de dood is opgestaan. Nog weer zoiets raars. Ook voor de mensen in dit verhaal die dit 2000 jaar geleden hoorden was het raar. Ook toen wisten mensen dat doden mensen niet opstaan, net zo goed als wij dat weten.

En toch is dat wat de leerlingen vertellen. Omdat ze zelf gezien hadden dat het graf waar Jezus in was gelegd leeg was. Omdat de opgestane Heer Jezus zelf aan hen was verschenen. Langzamerhand gingen ze begrijpen wat dat betekent: het betekent dat God de dood overwonnen heeft. Het betekent dat God al hun beperkingen wegneemt. Hun onvermogen om goed te leven, hun verraad naar Jezus toe, hun twijfels en ongeloof. Hun telkens weer terugkerende neiging meer op zichzelf te vertrouwen dan op God.

En dat betekent Jezus’ opstanding ook voor ons. God neemt alles weg wat tussen ons en Hem in zou staan. Hij geeft ons zijn Geest zodat wij echt in staat zijn om te leven zoals hij het leven bedoelt heeft. De Geest leert ons om meer en meer op God te vertrouwen. We mogen geloven dat de dood niet het laatste woord heeft en dat wie nu in Jezus gelooft net als Jezus uit de dood zal worden opgewekt.

Misschien blijf je dit een raar verhaal vinden. Misschien komt er bij jou wel een verlangen naar boven dat je dit wel zou willen geloven. Luister naar dat verlangen. Dat verlangen is de Heilige Geest die in je werkt. Die jou wil helpen om de liefde van God te leren kennen. Die jou wil leren wat Jezus sterven en opstaan voor jou kan betekenen.

En voor ieder van ons kan dat best verschillend werken. Kijk maar naar degenen die vandaag belijdenis deden. Alle drie heel verschillende mensen. Qua achtergrond, qua leeftijd, qua opleiding. Alle drie met hun eigen verhaal met God. Ze hebben alle drie gezien wat Jezus’ opstanding voor hen betekent.

Voor de een gaat het dan meer over hoe je nu goed kunt leven en nuttig kunt zijn in Gods koninkrijk, de wereld om ons heen.

Bij de ander gaat het over de hoop in een tijd van ziekte, en op een leven over de grens van de dood heen.

Bij weer een ander is het het gevoel dat God je altijd weer vergeeft, wat je ook verkeerd hebt gedaan.

Zo geeft de Heilige Geest ons allemaal in de fase van ons leven waarin we zitten, wat we nodig hebben. We mogen daarnaar leren luisteren. We mogen het met elkaar delen om elkaar te sterken. We mogen het delen met mensen die Jezus nog niet hebben leren kennen. We mogen leren luisteren naar de Heilige Geest die ons een nieuw leven laat beginnen. Een nieuw leven vol van vuur en wind. Een leven met de liefde van God, door de riskante kracht van de Heilige Geest. Amen.

RobertDe preek van 15 mei: Pinksteren, belijdenisdienst