De preek van Michazondag (over geld)

op zondag, 10 januari 2016

Gemeente, gasten in ons midden,

Een preek over geld. Dan weet je natuurlijk al waar het mee gaat eindigen. De dominee gaat je oproepen om meer geld te geven aan de kerk. En ik zal jullie niet teleurstellen. Daar komen we inderdaad bij uit. Maar er gaat wel een groot verhaal aan vooraf. Want voordat we gaan nadenken over geld geven, aan de kerk of aan God. Is het heel belangrijk om te beseffen dat God helemaal niet op ons geld uit is.

551 Hierheen! Hier is water,

voor ieder die dorst heeft.

Kom, ook al heb je geen geld.

Koop hier je voedsel en eet.

Kom, koop voedsel zonder geld,

koop wijn en melk zonder betaling.

2 Waarom geld betalen voor iets dat geen brood is,

je loon besteden aan wat niet verzadigen kan?

Luister aandachtig naar mij,

en je zult ruimschoots te eten hebben

en genieten van een overvloedig maal.

3 Leen mij je oor en kom bij mij,

luister, en je zult leven.

Ik sluit met jullie een eeuwigdurend verbond,

als bevestiging van mijn liefde voor David.

God is als een marktkoopman op een markt, 2500 jaar geleden. En hij verkoopt water, wijn, melk en brood. Maar het gekke is: bij God is het allemaal gratis! Het goede dat God je wil geven is gratis. Het is genade. Het is niet iets waarvoor je iets hoeft te doen. Je hoeft er geen geld voor te betalen. Of goede werken voor te verrichten. God wil jou zijn liefde geven. Niet omdat je het verdient hebt. Maar uit genade. Omdat hij van je houdt. Omdat hij trouw is aan mensen. En ten diepste heeft hij dat laten zien in Jezus. Die heeft geleefd, geleden, is gekruisigd, gestorven en weer opgestaan uit de dood. Niet omdat wij genoeg betaald hadden. Sterker nog: God heeft in Jezus zelf betaald om ons vrij te kopen. Het enige wat wij hoeven te doen is dat cadeau van God ontvangen. Onze handen op te houden. En het aan te nemen.

Hoe makkelijk wil je het hebben. Maar het probleem is dat het voor ons heel moeilijk is te accepteren. Dat zoiets groots als Gods liefde en trouw gratis is. Wij leven in een wereld waarin je moet betalen voor geluk, voor gezondheid, voor vervulling van je verlangens. En alles is te koop. ‘Choose hapiness’, als je een flesje van onze cola koopt, wordt je gelukkig. ‘Een aandeel in elkaar’, als je je geld bij ons op de bank zet, dan wordt je deel van een groep mensen die elkaar helpen. Of deze: ‘Mens wat ben je mooi als je jezelf bent’: als je bij ons een zorgverzekering afsluit dan wordt je meer jezelf. En het ergste zijn nog wel loterijen. Koop nu een lot, anders loop je kans dat je buren miljonair zijn en jij niet. Dat je niet welkom bent op het feest.

Zonder dat we het weten en willen, worden we helemaal getraind in het idee dat we alles kunnen kopen. Of we het nu echt nodig hebben of niet. Met geld kun je alles.

Terwijl we ook wel weten dat dat onzin is. De allerbelangrijkste dingen zijn niet te koop. Liefde, geluk, gezondheid, geloof. Met geen goud verkrijgbaar. Genade van God: gratis van God, maar zo moeilijk om echt te ontvangen.

Volgens Paulus is het nog erger gesteld met geld. Het geeft ons niet alleen valse beloftes:

9 Wie rijk wil worden, staat bloot aan verleiding, raakt in een valstrik en valt ten prooi aan dwaze en schadelijke begeerten die een mens in het verderf storten en ten onder doen gaan.10 Want de wortel van alle kwaad is geldzucht. Door zich daaraan over te geven, zijn sommigen van het geloof afgedwaald en hebben ze zichzelf veel leed berokkend.

Als je rijk wilt zijn in spullen of in geld, ga je helemaal de verkeerde kant op. Er komen allerlei verleidingen op je af, die je niet kunt weerstaan. Je komt in een val terecht, en je krijgt allerlei idiote verlangens die helemaal niet goed voor je zijn. Geld krijgt een soort macht over je. Daardoor blijft er niks meer van je over en ga je verloren. Geld kan je vernietigen.

Als je geld meer en meer lief gaat hebben, wordt je steeds minder mens. Hoe meer je bezit, hoe meer zorgen je je gaat maken. Je blijft maar piekeren. Je raakt verstrikt in zonde.

Geldzucht is dus super fout. Maar wat moet je dan wel doen volgens Paulus?

Hij zegt: je moet je toewijden aan God. Telkens weer herinneren dat je leeft uit Gods genade. Dat je in Christus bent, bij Jezus hoort. Niet om wat je doet. Maar vanwege Gods liefde. En daar moet je je aan toewijden. Net zoals een soldaat in Paulus’ tijd zich moest toewijden aan de Romeinse keizer. Die moest in het openbaar getuigen: de keizer is de verheven en enige heerser, de hoogste Heer en koning. En Jezus is op zoek naar mensen die in afwachting van zijn komst, in zijn leger willen toetreden. Die de strijd van het geloof willen vechten. Die durven getuigen: Jezus is de verheven en enige heerser, de hoogste Heer en koning. Die willen vechten met de wapens van rechtvaardigheid, vroomheid, geloof, liefde, volharding en zachtmoedigheid. Tegen geldzucht, onrecht, haat, ongeduld, tegen de hardheid van de wereld.

Maar om die strijd van het geloof te kunnen vechten, moet je wel op een goede manier omgaan met je geld. Er zijn twee keuzes. Of je haalt je zekerheid uit je geld. Je verzameld meer en meer om in de toekomst ook bij tegenslagen genoeg te hebben. Je legt een voorraad geld aan voor je kinderen. Je gaat beleggen om nog meer geld te hebben. ’s Nachts maak je je zorgen over de wereldeconomie, omdat je hoop, je zekerheid, je identiteit afhankelijk is van hoe de wereldeconomie draait. Hoe meer je op geld gaat vertrouwen, hoe moeilijker het wordt om nog uit Gods genade te kunnen leven. Voor rijken is het niet voor niets bijna onmogelijk om het koninkrijk van God in te gaan. Om Jezus te erkennen als de verheven en enige heerser, de hoogste Heer en koning. Terwijl het zinloos is om je hoop en zekerheid te halen uit geld. 7 Wij hebben niets in deze wereld meegebracht en kunnen er ook niets uit meenemen.

We moeten dus niet onze zekerheid halen uit geld, maar uit God. Alles wat we hebben, ons geld, ons huis, ons bedrijf, hebben we van God gekregen. Natuurlijk hebben we er vaak ook zelf hard voor gewerkt, maar dan nog heeft God ons gegeven wat we nodig hadden om hard te kunnen werken: onze talenten, onze intelligentie, onze gezondheid. Daar hebben we zelf niks voor gedaan. Dus zie je geld en bezit niet als iets wat jij verdient hebt, maar als iets dat je uit Gods hand hebt ontvangen.

En neem genoegen met wat je hebt, als je er van kunt leven. We hebben niet zoveel nodig. Eten, kleren, een dak boven je hoofd. Veel meer is niet nodig. Wees tevreden. En laat je niet meeslepen in het meer-meer-meer. 6 Maar voor wie tevreden is met wat hij heeft, is het geloof grote winst.

Het geheim van tevreden zijn is dat je niet te veel naar anderen kijkt. Voel je niet beter als je ziet dat iemand anders minder heeft. Voel je niet tekort gedaan als je ziet dat een ander meer heeft. Wees niet hoogmoedig en niet jaloers.

En als je je bezit ziet als iets dat je van God ontvangen hebt, zul je al snel zien dat God het niet heeft gegeven om voor jezelf te houden. Natuurlijk heb je het voor een deel voor jezelf en de jouwen nodig. Maar met alles wat daarbovenop komt kun je iets heel moois doen. 7 Wij hebben niets in deze wereld meegebracht en kunnen er ook niets uit meenemen. Ons geld en bezit dat we hebben is in die zin waardeloos. Alles wat op de bank staat is waardeloos. Het telt niet mee in het Koninkrijk van God. Maar als je geeft aan wie nodig heeft, is dat een kostbare en aangenaam geurende gave in Gods ogen. Dan verandert dat waardeloze geld en goed van deze wereld, in iets dat geïnvesteerd wordt in het Koninkrijk van God. Eerst is het waardeloos in Gods ogen, maar door ervan te delen wordt het heel kostbaar. Investeren in Gods Koninkrijk geeft zo een superhoog rendement.

En bedenk bij al die dingen dat God niet wil dat je investeert om bij hem te mogen horen. God heeft veel liever dat jij zijn genade ontvangt, dan dat jij hem je geld geeft. Alleen een gift die je in vrijheid geeft is een echte investering in Gods Koninkrijk. Of zoals een van de mensen op de gemeentegroeigroep deze week zei: om vrijgevig te kunnen zijn, moet je zelf eerst vrij zijn.

Ten slotte, drie hele praktische zaken.

Als kerk leven we ook van het geld dat gegeven wordt. En juist voor ons als kerk is het belangrijk om onze hoop niet te vestigen op het geld dat we hebben ontvangen. Met de vier wijkgemeenten van de Protestantse Gemeente Pijnacker-Delfgauw hebben we zo’n 4 miljoen euro op de bank staan. Dat is openbare informatie, te downloaden via de website. Die 4 miljoen lijkt mij wat veel, maar daar zijn de meningen over verdeeld. En het lijkt mij verstandig als de kerk meer gaat leven van jullie giften, en minder van de rente over wat er op de bank staat. Maar om die stap te maken, en meer te vertrouwen op wat jullie geven, zou het helpen als de giften zeker in Delfgauw omhoog gaan. Kijk maar naar dit overzicht. De Actie Kerkbalans levert in Delfgauw eigenlijk te weinig op. Terwijl de kerk hier helemaal vol zit, brengen we nog geen kwart van de Actie Kerkbalans in. Als we dat nou verbeteren, kunnen we als kerk ook ons best gaan doen om dat oude vermogen meer te gebruiken voor Gods Koninkrijk.

Nu is de kerk natuurlijk niet het enige goede doel waaraan je kunt geven. Er zijn zoveel andere goede doelen, die ook ons geld en aandacht verdienen. En we mogen daarbij best kritisch zijn: werkt een doel wel efficiënt en blijft er niet te veel aan de strijkstok hangen. Wat niet christelijk is, is om cynisch te worden. Om te denken dat al die doelen niet deugen en de directeuren allemaal te veel verdienen. Geef blijmoedig, kritisch, maar ook met vertrouwen.

Als laatste: je zou het bijna vergeten, maar we worden ook opgeroepen om te genieten: 17 Draag de rijken van deze wereld op niet hoogmoedig te zijn en hun hoop niet in zoiets onzekers te stellen als rijkdom, maar op God, die ons rijkelijk van alles voorziet om ervan te genieten. God geeft ons in overvloed om te genieten. Hij is de grote Gever, schepper van hemel en aarde. Alles wat hij gemaakt heeft, heeft hij aan ons gegeven om van te genieten. Dus doe dat voluit. Maar als dat genieten ten koste gaat van de schepping en van onrecht naar andere mensen toe, kan God het er niet mee eens zijn. Maar als je die balans tussen genieten en verantwoordelijkheid verder uit wilt zoeken, is het goed om mee te doen aan de Michacursus.

Dus stel je hoop op God, niet op je geld. Geloof van alles dat je hebt, dat je het ontvangen hebt van God. Wees tevreden met genoeg, en deel van wat je gekregen hebt. Want al je geld en goed krijgt pas echt waarde als je er van deelt en het investeert in het Koninkrijk van God. Geniet van wat God je geeft. En bovenal: weet dat Gods genade gratis is. Je hoeft het alleen te ontvangen. Dan zul je echt leven. Amen.

RobertDe preek van Michazondag (over geld)