Het is een oeroud gebruik om op Pinksteren naast het verhaal van de uitstorting van de Heilige Geest (Hdl.2:1-13) ook dat van de torenbouw in Babel (Gen.11:1-11) te lezen. Die twee zijn elkaars tegendelen. Deze met elkaar te vergelijken levert veel op!
In beide verhalen speelt de taal een grote rol. De mens is een talig wezen, hij is zoals filosofen zeggen ‘het sprekende dier’. Door de taal die we spreken krijgen de dingen een naam en wordt de wereld leefbaar. De taal die je leert is dus belangrijk. Maar het zijn vooral de verschillen die opvallen. In Babel ontstaat er spraakverwarring. ‘Babelstad werd babbelstad’. Maar op Pinksteren voltrekt zich een talenwonder.
‘Laten we een stad bouwen met een toren die tot in de hemel reikt’. Dit gigantische bouwproject berust op eigen initiatief. ‘Zo vestigen we onze naam en zullen we niet over de hele aarde verspreid raken’. Op de gave van de Geest wordt gewacht. Er wordt niets georganiseerd, er wordt enkel gebeden. ‘Bid en werk’ is in de Bijbel het devies. Hol je de dag in, ren je door het leven of verstil je en vraag je om Gods leiding? Dat schept een wereld van verschil.
In een midrasj wordt verteld hoe de bouwers de strijd aanbinden met de Eeuwige. Er waren er zelfs die hun eigen god in de hemel wilden brengen. Anderen bestormden de hemel met pijl en boog. Toen die bebloed naar beneden vielen, dachten ze dat alle hemelbewoners waren gedood. Pinksteren laat een andere beweging zien. We hoeven niet in de hemel in te breken. Nee, de hemel deelt zich aan ons mee. We mogen dankzij de gekruisigde en verhoogde Christus op aarde ‘dagen des hemels’ (Deut.11:21) beleven. Gods Geest stelt ons in staat niet krampachtig bij elkaar te klonteren maar erop uit te trekken en met hoop voor de wereld en vreugde onze opdracht te vervullen.
Het duurde volgens een andere midrasj een vol jaar om met een nieuwe tichelsteen en leem naar boven te klimmen. Viel er iemand naar beneden, dan werd niet zijn dood betreurd maar dat er een jaar arbeid verloren was gegaan en het schema werd verstoord. Deze midrasj is actueel. Ik denk aan de bouw van de stadions bij de wereldkampioenschappen voetbal, de erbarmelijke omstandigheden waarin de arbeiders leefden. Pinksteren bewerkt geen tweedeling tussen de ‘have’s’ en ‘have not’s’, maar doorbreekt de tegenstellingen tussen rassen, klassen en volken. De Geest van Christus verbindt mensen in gemeenschap met God en maakt hen mededeelzaam. (Hdl.2:45 en Hdl.4:34)
Tegenover de spraakverwarring in Babel staat het talenwonder van Pinksteren. De Heilige Geest stelt gewone mensen die in zichzelf opgesloten kunnen zitten in staat zichzelf te overstijgen om op de golflengte van een ander te komen. De hele wereld hunkert naar een allesomvattende herhaling van Pinksteren.
ds. Treuren
