Het evangelie hoor je soms uit de mond van mensen van wie je dit niet verwacht. Jezus beluistert het bij een onverschillige rechter die om niemand geeft. In een gelijkenis spitst Hij zijn oren en zegt: ‘Hoort wat de onrechtvaardige rechter zegt’. (Luc.18:6) Iets dergelijks maakte ik mee toen ik in NRC (3/7) een interview met de ‘ruigste rocker aller tijden’ Keith Richards las (82 jr.) n.a.v. het verschijnen van Foreign Tongues, het 25ste album van The Rolling Stones. Ds. Wuister heeft me ooit verteld dat kunstenaars de laatste echt gelovigen zijn, omdat ze durven vertrouwen op inspiratie. In het Hebreeuws komt ‘kunstenaar’ (=amaan) van dezelfde stam als geloven of vertrouwen (=aman). Is dat toevallig? Als er een ding uit dit grappige interview spreekt, is het totale beschikbaarheid en wachten op inspiratie. Met je gitaar in bed, want je weet niet of er een ‘schatje’ komt.
‘Is het moeilijk om na bijna 65 jaar Stones-historie nog nieuwe nummers te schrijven?
Liedjes schrijven zo’n zeldzaam ding. Het is geen baan waarbij je kunt zeggen: oké, nu is het tijd om ervoor te gaan zitten. No sir, zo werkt het niet. Als je erover nadenkt, komt er niets. Maar als je het met rust laat, overvalt het je. Je hoeft er alleen maar te zijn.
Juist dat maakt het zo leuk en op die manier kost het ook veel minder moeite. Alleen: het betekent dat je nooit vrij bent, want je moet altijd je oren openhouden en waakzaam zijn. Je bent een soort waarnemer die constant alles in de gaten houdt en ook een terloops zinnetje van een toevallige voorbijganger moet oppikken. (..) Liedjes komen en gaan nu eenmaal. Maar bij mij blijven ze maar komen die schatjes. Zodra het moeilijk wordt, moet je stoppen en wachten tot ze opnieuw passeren en je ze kunt grijpen.
Klopt het dat je vroeger met je gitaar sliep? Dat doe ik nog steeds, echt waar. De song writing shop namelijk is altijd open. Die winkel sluit nooit, want je weet nooit wanneer er weer iets binnenglipt.
Een vriend van me, dr. Piet van Veldhuizen appte me toen ik hem dit interview stuurde terug: ‘Mooi. Ook wel een beetje herkenbaar. Ik ben een boek aan het schrijven. Dagen vol uitstelgedrag, domme klusjes. Veel koffie drinken. Tot de flow komt, en dan gaat het als een trein. Zolang het duurt. En heel soms ook uit bed komen of alles onderbreken voor een binnenkomend idee.’ Ik denk dat ieder die een boek, opstel e.d. of een preek schrijft zichzelf hierin herkent. Als het stroomt, ga dan door. Je springt over muren alsof het niets is!
Arien Treuren
