Is Maria onze voorspraak bij Jezus of de Vader? Dat is de officiële Rooms-Katholieke leer. Nou, ik dacht eigenlijk van niet. ‘Wij hebben een voorspraak bij de Vader, Jezus Christus, de rechtvaardige’, jubelt I Joh.1:1-2 vol vreugde, ‘en Hij is een verzoening voor onze zonden en niet alleen voor de onze, maar voor die der gehele wereld’. Dat is een onopgeefbaar inzicht.
Maar Maria is wel een voor alle eeuwen tot de verbeelding sprekend voorbeeld van vertrouwen en overgave. En zij is ook het oerbeeld, het archetype van de lijdende moeder.
Ik begin bij het eerste. Terwijl de priester Zacharias sceptisch reageert wanneer de engel Gabriël hem de geboorte van een zoon aankondigt, stelt Maria die iets onbevattelijks te horen krijgt, dat ze als maagd zwanger zal worden, zich gelovig op. ‘Zie, de dienstmaagd des Heren, mij geschiede naar uw woord’. (Luc.1:38) Ontroerend is dat. Maria begrijpt niet maar vertrouwt zich toe.
En dan het tweede. Eindeloos veel vrouwen (en mannen) hebben zich met Maria vereenzelvigd in haar lijden. Ze is het oerbeeld van de lijdende moeder, de mater dolorosa. De moeder die lijdt om en in haar kind. Dat lijden begint al hier. Een vrouw die ongetrouwd zwanger was liep gevaar. Het werd als overspel gebrandmerkt, wanneer je net als zij in ondertrouw was. Aan wie zou ze kwijt kunnen wat haar was overkomen? Wie zou haar geloven? Maria’s eenzaamheid en angst moeten groot zijn geweest.
Gelukkig is er de droom die Jozef op het goede been zet. En de ontmoeting met Elisabeth die voor Maria een warm bad is. Zij wordt door Elisabeth erkend en in haar kracht gezet. Gelukkig ben je als je zulke mensen ontmoet. Ik hoop altijd dat de gemeente de plek is die een Elisabeth-rol vervult. Maar Maria’s isolement is gebleven, ook toen Jezus opgroeide en onbegrijpelijk anders was. In het evangelie roept zijn optreden zulke geweldige spanningen op dat Hij wordt veroordeeld en gekruisigd. Staande aan de voet van het kruis, moet de smart voor Maria ondraaglijk zijn geweest. Wat ze haar zoon aandoen, het is haar kind!
In onze tijd kijken we in de regel anders, minder sterk veroordelend tegen een ongehuwd moederschap aan. Er zijn vrouwen die er bewust voor kiezen als moeder alleen-gaand te blijven. Er zijn ook relatievormen gegroeid die buiten het gezichtsveld van wat Lucas vertelt liggen. Daar ben je zo één, twee, drie niet over uitgepraat en het is ook goed om dat dan ook te doen.
Toch raak je daarmee van Maria niet los. Zij verbeeldt in wat zij doormaakt en in hoe zij zich opstelt iets van het vrouwelijke, het specifiek moederlijke van God. Daarin is zij zeer uitzonderlijk. Maria belichaamt Gods barmhartigheid. ‘Een schoot van ontferming is onze God’. (Ld.158)
ds. Treuren
